Nieuws

NVGPT-lid in beeld: Iris Sparreboom

17 oktober 2018
NVGPT-lid in beeld: Iris Sparreboom

De NVGPT is een multidisciplinaire vereniging met drie aandachtsgebieden: prothetiek, waaronder de MFP, gnathologie en restauratieve tandheelkunde. Lid van de NVGPT zijn onder meer tandartsen, kaakchirurgen, fysiotherapeuten, tandprothetici en tandtechnici. Bij de leden van de NVGPT zit een schat aan kennis en ervaring. Daarom laten we regelmatig een lid aan het woord over zijn of haar opleiding, werk en visie. Dit keer is de beurt aan Iris Sparreboom, onder meer tandarts-MFP en hoofd afdeling MFP/TMD bij de SBT.

Opleiding en werk
Opleiding: 2001-2007 tandheelkunde in Nijmegen. 2010-2014 MFP-opleiding in Rotterdam.
Werk: 2007-2013 waarnemer bij verschillende algemene praktijken in onder meer Rotterdam en Warmond. 2008-2015 CBT Rijnmond, eerst als algemeen practicus en vanaf 2010 als tandarts MFP (in opleiding). 2013-heden tandarts MFP bij de Stichting Bijzondere Tandheelkunde (SBT) in Amsterdam. Vanaf medio 2017 hoofd afdeling MFP/TMD bij de SBT.
Sinds 2016 lid Opleidingscommissie MFP van de NVGPT.

Uitdaging
“Toen ik op mijn 23e afstudeerde had ik ook meteen een baan. Na een paar jaar in algemene praktijken vond ik het werk wel leuk, maar miste ik de uitdaging een beetje en werd het teveel routine. Sinds mijn tweede jaar na het afstuderen werkte ik al in de bijzondere tandheelkunde. Toen er bij het CBT Rijnmond in Rotterdam – mijn woonplaats – een vacature kwam, ben ik daar helemaal in verder gegaan. Al snel vond ik het leuk een kant te ontwikkelen die ik nog niet zo goed kende, namelijk de meer technische maxillofaciale prothetiek. Elke patiënt is eigenlijk een puzzel waarbij je heel erg goed moet nadenken over je behandeltrajecten. Dat vind ik heel erg leuk. Inmiddels werk ik voor drie dagen per week bij de SBT in Amsterdam, waar het multidisciplinaire karakter en de samenwerking me erg aanspreken. Wat ook prettig is, is dat ik – naast de zorg voor een klein kindje – parttime kan werken.”

Basis onder de knie
“Een groot deel van ons werk als tandarts-MFP bestaat uit technisch soms lastige tandheelkunde. Om dat goed te kunnen doen, moet je eerst de basistandheelkunde van de algemene praktijk goed onder de knie hebben. Waar je in de algemene praktijk bijvoorbeeld een brug op twee pijlers maakt, doen wij dat soms op acht. Als je basis niet goed is, duurt de behandeling langer en belast je de patiënt ook extra. Je moet zeker zijn van wat je doet. Als je met de mfp-opleiding begint is het prettig om een goede basis te hebben of op z’n minst ook nog een tijd algemene tandheelkunde te blijven doen.”

Nieuwe koers
“Met de SBT varen we met een nieuw bestuur een nieuwe koers. We zijn een enorme slag aan het maken. Het zou mooi zijn als we tot meer samenwerking zouden kunnen komen met de verschillende afdelingen op ACTA. We kunnen enorm veel van elkaar leren. Het CBT doet voor een deel vergelijkbaar werk, zij het dat wij een nog wat complexere patiëntencategorie hebben.”

Finetuning
“Door digitalisering kunnen we in de bijzondere tandheelkunde steeds meer aan finetuning doen. Met digitaal scannen en printen kunnen we een slag maken. Je kunt gemakkelijker plannen, meer zekerheden inbouwen en voorspelbaarder werken. Maar ook aan patiënten kun je inzichtelijker maken waar je naartoe werkt bij een reconstructie.”

Laatste strohalm
“Als zorgverlener wil je mensen helpen en blij de deur uit laten gaan. Sommige mensen kun je niet per se van hun klachten afhelpen. Daar heb ik als mens zelf last van. Maar er is ook een patiëntengroep die je gewoon niet tevreden krijgt, bijvoorbeeld mensen die maar niet kunnen accepteren dat ze hun eigen dentitie niet meer hebben en zijn aangewezen op een gebitsprothese. Die blijven vaak allerlei klachten houden. Wij zijn dan hun laatste strohalm. Maar het lukt soms niet om van de pijn af te komen, of mensen accepteren niet dat er meer aan de hand kan zijn, bijvoorbeeld op psychosomatisch vlak. Dat vind ik lastige patiënten en dat is minder leuk. Ook mensen met kokhalsproblematiek zijn soms moeilijk te behandelen.”

Geen gekke dingen
“Waar we heel erg tegenaan lopen is de administratiedruk en de regelgeving. En met zorgverzekeraars die ons een eigen bijdrage laten bepalen voor patiënten en vervolgens heel kritisch hierop gaan controleren. Je stelt een behandelplan op puur om de patiënt te helpen en niet om er zelf beter van te worden. Dat kan een goedkope, maar ook een dure oplossing zijn. Wij doen echt geen gekke dingen, we willen alleen echt goede zorg leveren. Het is heel frustrerend als je daarin belemmerd wordt en een aanvraag wordt afgekeurd. Ik ben tandarts geworden om mensen te helpen, niet om een heel groot deel van de dag administratie te verwerken.”

Meer samenwerken
“Ik denk dat we in Nederland als verschillende centra voor bijzondere tandheelkunde nog veel meer met elkaar kunnen samenwerken en van elkaar kunnen leren. Elk centrum heeft zo zijn eigen specialisatie. Het zou leuk zijn als we elkaar daarin nog meer weten te vinden.”

Verder bouwen
“Ik ben in de opleidingscommissie voor de mfp-opleiding gegaan om een duidelijker traject neer te zetten voor mensen die er aan gaan beginnen. Zo wil ik helpen verder te bouwen aan de MFP in Nederland. Recent ben ik hoofd van de mfp-afdeling geworden bij de SBT. Ik wil graag werken aan een betere kwaliteit van de patiëntenzorg. Met onze kennis willen we naar een nog hoger niveau. Ik ben zelf altijd op zoek naar uitdagingen en hoe het beter kan.”

Interview: Reinier van de Vrie