Activiteiten

Jaarcongres 2015 ‘Kauwen op bruxisme - De nieuwste inzichten en praktische implicaties’

Jaarcongres 2015 ‘Kauwen op bruxisme - De nieuwste inzichten en praktische implicaties’

Ruim een decennium na het succesvolle congres over bruxisme heeft het bestuur van de NVGPT besloten om dit boeiende thema opnieuw in de schijnwerpers te plaatsen. Zijn de inzichten betreffende bruxisme gelijk gebleven, op details veranderd, of is er misschien zelfs sprake van een heuse paradigmaverschuiving? Heeft dit alles gevolgen voor onze patiënten en voor de behandeling van patiënten waarvan wordt vermoed dat zij klemmen of knarsen? Op vrijdag 11 december zal een zestal sprekers de diverse aspecten van bruxisme belichten. Niet alleen zal daarbij de wetenschappelijke bewijslast te berde worden gebracht, maar er zullen ook praktische handreikingen worden gegeven die in de dagelijkse praktijk kunnen worden toegepast. Daarnaast organiseren we op donderdag 10 december een verdiepingsprogramma op het thema, voor tandarts-gnathologen maar ook voor andere belangstellenden. Kortom, een boeiend congres dat u eigenlijk niet mag missen!


CV's sprekers

Daniele Manfredini
Prof. Daniele Manfredini received his DDS from the University of Pisa, Italy in 1999, a MSc in Occlusion and Craniomandibular Disorders in 2001 from the same University, and a PhD in Dentistry from the ACTA Amsterdam, The Netherlands, in 2011. He was a clinical fellow at the Section of Prosthetic Dentistry, Department of Neuroscience, University of Pisa, Italy until 2005. Since 2006, Prof. Manfredini has been Assistant Professor and coordinator of the research projects at the TMD Clinic, Department of Maxillofacial Surgery, University of Padova, Italy.
On January 2014, the Italian Ministry of University and Research (MIUR) appointed him as an Associate Professor by scientific merit at the age of 38.
Prof. Manfredini authored more than 130 papers in the field of bruxism and temporomandibular disorders in journals indexed in the Medline database. He also edited the book 'Current concepts on temporomandibular disorders' (Quintessence Publishing, 2010), including contributions from 45 world-renowned experts, and co-authored several textbooks on the same topics.
Based on publication ratings, since November 2013, the US agency Expertscape has been ranking Prof. Manfredini as world #1 expert in the field of temporomandibular joint disorders, and #3 in the field of bruxism.

Frank Lobbezoo
Prof. dr. Frank Lobbezoo is tandarts-gnatholoog en hoogleraar Orofaciale Pijn & Disfunctie. Hij studeerde in 1988 cum laude af aan de Universiteit van Utrecht. In 1992 promoveerde hij aan diezelfde universiteit op het gebied van de temporomandibulaire disfunctie, waarna hij gedurende drie jaar postdoctoraal onderzoek verrichtte aan de Universiteit van Montreal (Quebec, Canada). Daar legde hij zich toe op de tandheelkundige slaapgeneeskunde, in het bijzonder de orale bewegingsstoornissen. Sinds 1996 is hij werkzaam bij het Academisch Centrum voor Tandheelkunde Amsterdam (ACTA), alwaar hij in 2005 tot hoogleraar werd benoemd. Sinds 2014 is hij voorzitter van de afdeling Mondgezondheidswetenschappen en vice-decaan. Prof. Lobbezoo verzorgt theoretisch en praktisch onderwijs voor tandheelkundestudenten op het gebied van TMD, orofaciale pijn en tandheelkundige slaapstoornissen. Daarnaast is hij directeur van de postinitiële opleiding Orale Kinesiologie, een driejarig programma waarin tandartsen worden opgeleid tot tandarts-gnatholoog. Bovendien is hij Past-President van de European Academy for Craniomandibular Disorders (EACD) en President van het International Consortium for RDC/TMD-based Research, een netwerk van de International Association for Dental Research (IADR). Prof. Lobbezoo heeft een groot aantal nationale en internationale publicaties op zijn naam staan.

Reinhilde Jacobs
Reinhilde Jacobs is tandarts, doctor in de tandheelkunde, parodontoloog (KU Leuven) en Master in orale beeldvorming (University London). Ze is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven, visiting professor aan de Dalian Medical University (Dalian, China) en Doctor Honoris Causa aan de Ilieu Hateganu university of Medicine and Pharamocology, (cluj-Napoca, Roemenië). Ze is coördinator van de omfs impath research groep en is verantwoordelijk voor onderwijs, onderzoek en kliniek in de dentomaxillofaciale radiologie. Ze is regional director Europe van de International Association of DentoMaxillofacial Radiology en past president van de European Academy for DentoMaxilloFacial Radiology, EAO board member alsook lid wetenschappelijk committee 'Digital Dentistry Society'. In de periode 1994-1995 ging ze als Europees postdoctorale fellow naar de Universiteit van Göteborg, waar ze samen met Prof. P.I. Brånemark en Prof. B. Rydevik een klinisch-fysiologisch onderzoek verrichtte op geamputeerde patiënten gerehabiliteerd met het innovatieve concept van een botverankerde lidmaatprothese. Ze is associate editor van Clinical Oral Investigations, European Journal Oral Implantology en Oral Radiology alsook lid van de editorial board van Clinical Oral Implant Research, Journal of Oral Rehabilitation, Oral Surgery Oral Medicine Oral Pathology Oral Radiology,  Imaging Science in Dentistry, Brazilian Journal of Dental Research en het Tandheelkundig Jaar. Momenteel coördineert ze het DIMITRA Europese project waarbij er specifieke aandacht wordt besteed aan het minimaliseren van de CBCT stralingsdosis bij kinderen.

Antoon de Laat
Prof. Antoon de Laat studeerde in 1980 af als tandarts aan de School voor Tandheelkunde, Mondziekten en Kaakchirurgie (KU Leuven). In combinatie met algemene praktijk en de specialisatie parodontologie (1988) deed hij onderzoek aangaande reflexen in de masseterspier, occlusie en craniomandibulaire dysfunctie, hetgeen leidde tot het behalen van het Aggregaat Hoger Onderwijs in 1985. Sinds 1986 is hij verantwoordelijk voor de Consultatie voor Kaakgewrichtsproblemen, en vanaf 1990 voor het onderwijs in de Orale Functie en Disfunctie. Zijn wetenschappelijk werk leidde tot meer dan 200 artikels en abstracts. Hij gaf voordrachten over gans Europa, Noord- en Zuid-Amerika, het Nabije en Verre Oosten. Op dit ogenblik is hij buitengewoon hoogleraar aan de Faculteit Geneeskunde KULeuven, en Diensthoofd Tandheelkunde aan de UZ-KULeuven.
Prof. De Laat was Co-Editor van het Journal of Orofacial Pain, redactielid van de European Journal of Oral Sciences, het European Journal of Pain. Hij was President van de IADR-Neuroscience Group, van de European Academy of Craniomandibular Disorders, de Belgian Pain Society, de Special Interest Group on Orofacial Pain van de IASP en Chair van het IASP Research Committee. Hij is Board-member van de Society of Oral Physiology en Voorzitter van de Leuvense Universitaire Tandheelkundige Vereniging. In 2009 ontving hij een doctoraat honoris causa aan de University of Aalborg, Denemarken.

Peter Wetselaar
Peter Wetselaar studeerde in 1986 als tandarts af aan de Universiteit van Amsterdam. Sindsdien is hij werkzaam in een algemene praktijk (nu ook verwijspraktijk) in Heemstede, samen met zijn echtgenote Miranda Wetselaar-Glas.
Van 2004 tot 2007 volgde hij de postinitiële opleiding Orale Kinesiologie aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Naast zijn eigen praktijk, is hij sinds 2007 ook werkzaam in het Centrum voor Bijzondere Tandheelkunde in het Medisch Centrum Alkmaar.
Sinds 2011 is hij Chef de clinique van de stafkliniek Orale Kinesiologie van het ACTA, sinds 2014 is hij mede verantwoordelijk voor de postinitiële opleiding Orale Kinesiologie. Hij is erkend als tandarts-gnatholoog door NVGPT, als restauratief-tandarts door de NVVRT en als tandarts-slaapgeneeskundige door de Nederlandse Vereniging voor Tandheelkundige Slaapgeneeskunde (NVTS).

Ghizlane Aarab
Dr. Ghizlane Aarab is tandarts-gnatholoog, tandarts-slaapgeneeskundige en parttime universitair docent bij de leerstoelgroep Orale Kinesiologie van de ACTA. Zij verzorgt theoretisch en praktisch onderwijs voor tandheelkunde studenten, tandartsen en medisch specialisten op het gebied van TMD, orofaciale pijn en tandheelkundige slaapstoornissen. Zij is ook parttime werkzaam in haar eigen praktijk die gericht is op tandheelkundige slaapstoornissen en restauratief herstel van ernstige gebitsslijtage. In 2011 heeft zij haar proefschrift met de titel 'Mandibular Advancement Device Therapy in Obstructive Sleep Apnea' verdedigd aan de Universiteit van Amsterdam. Zij heeft op dit moment een postdoc-positie bij de 'Université de Montreal'. Daarnaast is zij lid van de wetenschapscommissie van de 'American Academy of Dental Sleep Medicine' en de redactieraad van de 'Journal of Dental Sleep Medicine'.

 

Samenvattingen inleidingen

Daniele Manfredini (donderdag)
Slot 1; Temporomandibular disorders (TMD) are now recognized as having a multifactorial etiology, with an interaction between biological, psychological, and social factors. Such a so-called biopsychosocial model has been gaining support over the past few decades, but there are still some communities of professionals who have not yet abandoned the previous occlusal paradigm. The obsolescence of the occlusal theories for TMD etiology and treatment as well as the historical perspective of the clinical observations that led to the introduction of the biopsychosocial model will be discussed.
Slot 2; Despite the scientific evidence discharging the role of dental occlusion and supporting the role of psychosocial factors, there are some difficulties to “apply” the biopsychosocial model at chairside. Indeed, on one hand, there are some paradoxical observations that may suggest a certain effectiveness of occlusally-based approaches (e.g., oral appliances), whilst on the other hand there are problems, for the average dental practitioner, to accept including a psychological evaluation as part of a routine target for TMD diagnosis and treatment. The reasons for such difficulties and suggestions to overcome the problem of approaching patients within a biopsychosocial framework as well as the need for a multidisciplinary teamwork will be the focus of this lecture.
Slot 3; The study of the mutual interactions between bruxism, pain, and psychosocial factors has contributed a lot to develop a proposal for a unified concept of TMD physiopathology: the overload model. According to that, the onset of TMD symptoms may be viewed as the result of an unbalance between the load exerted on the temporomandibular joints by the jaw muscles and the resistance of the structures to that load. Bruxism in the form of jaw/teeth clenching, which in turn is related to an emotional overload, is likely the most detrimental factor. Psychosocial factors may also reduce the load-bearing capacity of the masticatory system. Based on that, their role as fundamental factors to be addressed in the clinical setting is undisputed. The evidence in support of the overload theory and the clinical suggestions for its adoption in the clinical setting will be discussed.
Slot 4; The overload model is likely the best available model of disease we have to explain the clinical observations in most TMD patients. Notwithstanding that, there are several issues that remain to be answered or that have been answered only in part, such as the chronicization of symptoms and the relation of temporomandibular disorders with other pain disorders. Strategies to get deeper into those topics will be dealt with, including concepts of differential diagnosis and suggestions for future researches.

Peter Wetselaar
Over de vermeende gevolgen van bruxisme is uitvoerig geschreven, zoals pijn in de kauwspieren, discusverplaatsingen of het blokkeren van gewrichten. Ook betreffende de dentitie is bruxisme meer dan eens als schuldige aangewezen. Hierbij kan men denken aan gebitsslijtage, endodontische consequenties zoals pulpitis (als gevolg van voortgaande gebitsslijtage of overbelasting), sclerotiserend dentine (als gevolg van chronische overbelasting), 'cracked tooth', parodontale problemen, falen van restauraties (directe en indirecte) op natuurlijke elementen, en falen van kroon-en brugwerk op implantaten en van de implantaten zelf. Is het terecht dat bruxisme deze schurkenrol in de schoot geworpen krijgt? Welke mate van bewijs is daarover voorhanden? Als bruxisme wordt vermoed, welke voorzorgsmaatregelen kunnen dan worden genomen of hoe dient een behandelplan te worden aangepast? Als het onverhoopt al is misgegaan, hoe kan dan erger worden voorkomen? De lezing is bedoelt om de clinicus te ondersteunen in zijn dagelijkse keuzes omtrent dit soort veel gestelde vragen over de gevolgen van bruxisme.

Frank Lobbezoo
Voor bruxisme zijn in de loop der jaren verschillende definities geformuleerd door/voor professionals van diverse pluimage, maar geen daarvan was bruikbaar binnen alle disciplines die zich met bruxisme bezighouden. Daarom is bruxisme recent opnieuw gedefinieerd als een kauwspieractiviteit die kan optreden tijdens slapen en waken en die gepaard gaat met klemmen of knarsen met de tanden/kiezen en/of met het fixeren van, of duwen met de onderkaak. Deze definitie is neutraal en breed van karakter, waardoor iedereen er mee uit de voeten kan. Met consensus over de definitie kan tevens eenduidig over diagnostiek worden gecommuniceerd. Bruxisme diagnosticeren impliceert dat de activiteit een aandoening betreft die behandeling behoeft. Dat is echter lang niet altijd het geval. Iedereen heeft in meer of mindere mate momenten waarop gebruxeerd wordt. Alleen als de activiteit leidt tot klachten die behandeling behoeven, zoals pijn, disfunctie of gebitsslijtage, dan is behandeling van bruxisme aangewezen en dient de activiteit gediagnosticeerd te worden. Op dat moment staat de behandelaar een scala aan diagnostische middelen ter beschikking, variërend van vragenlijsten en een mondelinge anamnese tot een klinisch onderzoek en instrumentele registraties van kauwspieractiviteiten. De diagnostische waarde van deze middelen zal tijdens deze lezing aan bod komen.

Reinhilde Jacobs
De radiografie vormt nog steeds één van de belangrijkste diagnostische middelen in de orale gezondheidszorg. De dagelijkse röntgendiagnose is vaak gestoeld op correlaties tussen het klinisch ziektebeeld en de radiologische kenmerken. Ook bij bruxisme en andere parafuncties kan een radiografie aangewezen zijn om een diagnose te stellen van de gevolgen. Vaak wordt de radiografie ook gebruikt om etiologische factoren en verbanden uit te sluiten. Daartoe is een arsenaal van beeldvorming beschikbaar, waarbij Europese richtlijnen en selectiecriteria ons de juiste richting kunnen tonen. Tweedimensionele beelden (o.a. panoramische opnames) vormen een efficiënte basis, maar tonen toch een aantal tekortkomingen, die mogelijks kunnen worden opgevangen na  toevoeging van een derde dimensie (CT, MRI, CBCT). Ruimtelijke diagnostiek is rijker maar tegelijk ook veel intensiever, en vereist dus de nodige tijd en aandacht om een juiste diagnose te koppelen aan een doelgerichte behandeling. Deze lezing is bedoeld voor elke tandarts die in de dagelijkse praktijkvoering röntgenbeelden gebruikt als basis voor de verdere diagnostiek.

Antoon de Laat
Parallel aan het onderscheid tussen slaap- en waakbruxisme, heeft epidemiologisch en fysiologisch onderzoek uitgewezen dat er verschillende oorzaken in overweging moeten genomen worden. Slaapbruxisme wordt eerder als een lichte slaapstoornis beschouwd, met onderliggend mogelijke onevenwichten of sterkere activiteit van bepaalde neurotransmitters (zoals serotonine, noradrenaline). Daardoor wordt het begrijpelijk dat omgevingsomstandigheden (zoals stress, via de HPA-as) maar ook bepaalde voedingsmiddelen (koffie, roken, ...) of genotsmiddelen en medicatie (cannabis, ecstasy, SSRI, ...) een (nefaste) invloed kunnen hebben op de intensiteit en frequentie van slaapbruxisme.
Waakbruxisme daarentegen, wordt eerder beschouwd als een onbewust gedrag, een 'uitlaatklep' of compensatiegedrag. Ook daar kunnen factoren als externe of interne spanning, maar ook inspanningen en repetitief werk een behandelbare invloed hebben. Deze bijdrage tracht een actueel beeld te geven van onze huidige kennis aangaande de onderliggende etiologie van bruxisme.


Programma vrijdag 11 december 'Kauwen op bruxisme'

09.00-9.15: Introductie voorzitter NVGPT, introductie moderatoren
09.15-10.00: Definities en diagnostiek van bruxisme: state-of-the-art (Frank Lobbezoo)
10.00-10.45: Epidemiology of bruxism: prevalence in children and adults (Daniele Manfredini)
korte pauze
11.15-12.00: Beeldvorming: is bruxisme op een röntgenfoto te zien? (Reinhilde Jacobs)
lunch
13.30-14.15: Oorzaken van bruxisme: verouderde en nieuwe inzichten (Antoon De Laat)
14.15-15.00: Gevolgen: bruxisme, de grootste schurk van de tandheelkunde? (Peter Wetselaar)
korte pauze
15.30-16.15: Associaties van bruxisme met slaapapneu en andere slaapstoornissen (Ghizlane Aarab)
16.15-17.00: Management of bruxism: when (and especially, when not) to treat (Daniele Manfredini)
17:00: Borrel
Tijdens elke lezing is er 10 minuten de tijd voor vragen & discussie.


Programma donderdag 10 december 'TMD, the past, the present and the future'

10.00-10.05: Introductie voorzitter NVGPT
10:05-11.00: TMD - the past: from the era of occlusal perfection to the biopsychosocial model (Daniele Manfredini)
korte pauze
11:30-12.30: TMD - the present part I: how to apply the biopsychosocial model at chairside (Daniele Manfredini)
lunch
14:00-15.00: TMD - the present part II: the overload model (Daniele Manfredini)
korte pauze
15:30-16.30: TMD - the future: toward an integrated model for orofacial pain (Daniele Manfredini)
16:30: Borrel
 

Leerdoelen

Deze informatie volgt zo spoedig mogelijk.


Locatie

Congreshotel De Heerlickheijd van Ermelo
Staringlaan 1
3852 LA Ermelo
0341-568585


Doelgroepen

Vrijdag: tandartsen-algemeen practici, tandarts-gnathologen en studenten tandheelkunde.
Donderdag: tandarts-gnathologen, tandartsen-algemeen practici en orofaciaalfysiotherapeuten.


Tarieven

Tarieven (donderdag)
Leden NVGPT: 250 euro
Leden NVOF: 250 euro
Anderen: 350 euro
Het ledentarief geldt voor degenen die op 1 augustus 2015 reeds lid waren.

Tarieven (vrijdag)
Leden NVGPT: 300 euro.
Anderen: 400 euro
Het ledentarief geldt voor degenen die op 1 augustus 2015 reeds lid waren.

Tarieven (donderdag én vrijdag)
Leden NVGPT: 500 euro.
Anderen: 700 euro
Het ledentarief geldt voor degenen die op 1 augustus 2015 reeds lid waren.

Voordeelpakket nieuwe leden
Deelname vrijdag plus lidmaatschap (inclusief contributie tot 1 januari 2017): 400 euro (alleen mogelijk vóór 1 november 2015).


Aanmelding en betaling

De aanmelding via deze website is gesloten. Er is wel op beide dagen nog plaats, dus u kunt zich ter plekke nog aanmelden. Komt u a.u.b. wel ruim op tijd, om de formaliteiten te vervullen.
Leest u ook de algemene voorwaarden van de NVGPT op deze site. Op alle bestellingen zijn onze algemene voorwaarden en privacy policy van toepassing.

Van 10 december 2015 tot 11 december 2015